Navullen dosseerunits, hoe sneller hoe beter

Bij een continu productieproces moet de toevoer van grondstoffen letterlijk continu plaatsvinden en altijd constant zijn. Dat betekent dat het navullen van dosseerunits tijdig moet gebeuren, terwijl het dosseren doorgaat. Het punt is echter dat het weegplatform alleen het totaalgewicht meet van de feeder en het product. Hoe houd je dan de dosseernauwkeurigheid op peil?

Navullen dosseerunits is blinde tijd
Het moment van navullen is zogeheten blinde tijd, waarin de load cell (het weegplatform) niet correct kan meten wat de output is. Want het totaalgewicht van de feeder neemt toe, terwijl er ook product uitgaat. Bovendien komt er in korte tijd veel massa in de feeder, waarvan het gewicht tijdelijk wordt versterkt door de valversnelling van het product. Iedere dosseerunit heeft dan ook even tijd nodig om weer tot een stabiel weegsignaal te komen (stabilisatietijd).

Vaker navullen in korte tijd
Blinde tijd geeft een slechtere dosseernauwkeurigheid, dus dit moment moet zo kort mogelijk zijn. Dat begint bij de valweg van het product, hoe korter die is, hoe korter ook de stabilisatietijd en dus de totale blinde tijd. Dat betekent dat er relatief vaak moet worden nagevuld. In de praktijk gebeurt dat zo’n 10 tot 20 keer per uur, waarbij 50 tot 60% van het feedervolume wordt nagevuld.

10 à 20 keer per uur navullen voor een nauwkeurige dossering
Voor een nauwkeurige dossering geldt dat de blinde tijd maximaal 10% van de totaaltijd mag zijn. Een uur telt 3.600 seconden, waarvan er dus 360 ‘blind’ mogen zijn. Als je uitgaat van 20 keer per uur, heb je 18 seconden per navulling. Dat is inclusief weegstabilisatie. Feitelijk moet het navullen dus binnen 8 tot 10 seconden gebeuren. De navulcapaciteit ligt dan ook 10 tot 30 keer hoger dan de capaciteit waarmee op dat moment wordt gedosseerd.

Navulsystemen
Bij het navullen zijn de stromingseigenschappen van de grondstoffen uitermate belangrijk. Het ene product is namelijk het andere niet; korrels stromen bijvoorbeeld veel gemakkelijker dan poeder. De stromingseigenschappen bepalen dan ook grotendeels de wijze van navullen en de gewenste condities. Elke grondstof vraagt een andere benadering voor een goede doorstroom. Hiervoor bestaan verschillende systemen, zoals navulfeeders, trilbodems, stortkabinetten en bigbag-losstations.

Aanmelden nieuwsbrief

Op de hoogte blijven van het laatste nieuws, producten en aanbiedingen? Schrijf je in voor de nieuwsbrief

Deel dit artikel

Reacties (0)

Reageren